Beste minister, ik ben er klaar mee

Beste mevrouw Bijleveld,

Toen lag er opeens weer een rapport: van de commissie Giebels. Het is redelijk bedroevend gesteld met de sociale veiligheid bij Defensie, staat in dat rapport te lezen. Dat is al triest genoeg, maar erger is eigenlijk dat de conclusie van het rapport niet eens als een verrassing komt. Daarvoor zijn er de afgelopen jaren al te veel signalen geweest van misstanden die vakkundig onder het tapijt zijn geschoven, van misstandmelders of klokkenluiders die niet gehoord zijn. Ook hier heb ik daar veel over geschreven. En na het rapport Giebels had ik een kritische mail opgesteld naar de Luchtmacht met nog kritischere vragen erin, voor een kritisch artikel. Maar opeens minister, opeens was ik er klaar mee.

Ja, ik vind dat elke misstand boven water moet komen. Ja, ik vind dat mensen moeten stoppen met het bedreigen, intimideren, zwart maken, pesten en kwetsen van misstandmelders en klokkenluiders, zowel binnen Defensie en als er buiten op bijvoorbeeld de sociale media. Ja, ik vind dat iedereen veilig moet kunnen melden, of beter gezegd: veilig moet kunnen werken. Ja, ik vind dat commandanten in de lijn open moeten staan voor kritiek, en dat vriendjespolitiek geen rol mag spelen bij bevorderingen. En ja, ik vind ook nog steeds dat wat niet goed is, benoemd mag worden. En ik vind dat de militair en politiek leiders aangesproken mogen worden op hun verantwoordelijkheden en acties. En nee, ik weet niet zeker of de nieuwe Inspectie Veiligheid nu zo’n goed idee is, omdat hij te veel gelieerd zit aan de organisatie. En nee, ik weet niet of de nieuwe positie van het COID slim is, omdat toch minimaal de schijn van afhankelijkheid en beïnvloeding door de Defensieorganisatie bestaat. Maar ik vind wel dat we ergens een streep moeten zetten.

Bouw een schaduworganisatie

CDS Bauer en Bijleveld
CDS Bauer en Bijleveld

Want dat er veel waardeloos is, daar zijn nu genoeg signalen en rapporten voor geweest. Ik zou het fijn vinden als het rapport van de commissie Giebels en het Nee van de militaire bonden (en hun leden) op het arbeidsvoorwaardenvoorstel het eindpunt van de ellende markeren, en het begin van een nieuwe Krijgsmacht betekenen. De schouders eronder en bouwen.

En het liefst zou je bijna een nieuwe Defensie willen bouwen, minister. Beginnen met een schaduworganisatie, met daarin de nieuwe leiders: de manschappen, onderofficieren, officieren en opperofficieren die op tijd zien wanneer nuttige can-do doorslaat in een angstcultuur, en dan op de rem stappen en aan de bel trekken. Die niet hun eigen carrière ten koste van alles een boost willen geven, maar mannen en vrouwen die staan voor fysiek en sociaal veilig werken. Die personeel niet zien als materieel dat teruglult, maar als iets dierbaars. En Defensie beschermt wat ons dierbaar is. En dat die schaduworganisatie dan langzaam de nieuwe organisatie wordt, zodat je na een jaar of 3 een nieuwe goede, sterke organisatie hebt staan. Want een trap kun je van bovenaf schoonvegen, maar je kunt ook een nieuwe trap bouwen.

Goede arbeidsvoorwaarden en de NAVO-norm

Maar wat er ook gebeurt, als je wilt bouwen moeten er natuurlijk wel een aantal randzaken goed geregeld worden. Of eigenlijk geen randzaken, maar juist essentiële dingen. Twee essentiële dingen om precies te zijn, minister: ten eerste een fatsoenlijke begroting voor Defensie volgens de NAVO-norm, en ten tweede zeer goede arbeidsvoorwaarden voor al het Defensiepersoneel.

U gaf aan dat het niet mogelijk was om in 1 keer zo’n grote stap te maken naar goede arbeidsvoorwaarden. Maar minister, in een organisatie met een can-do-mentaliteit is dat natuurlijk geen optie. Kan niet bestaat niet, wil niet bestaat wel, is het mantra waarmee ik ben opgegroeid. Natuurlijk kan het wel om zo’n grote stap te maken, maar het kost veel moeite. Er zullen veel zaken geregeld moeten worden: het loongebouw moet aangepast, voor de pensioenproblematiek moet een andere oplossing gevonden, voor de toelagen moet iets bedacht worden, voor compensatieregelingen moet meer geld gevonden worden, en ga zo maar door. Maar dat zijn toch echt allemaal dingen die kunnen, die in uw macht zouden moeten liggen. Dus aan de slag en bouwen, zou ik zeggen.

Draai bevorderingslogica om

Luitenant-admiraal Rob Bauer (foto Defensie)
Luitenant-admiraal Rob Bauer (foto Defensie)

De CDS en de commandanten van de OPCO’s roeren zich de laatste 2 weken ook iets meer. Het lijkt erop dat zij eindelijk ook gaan inzien dat het personeel wel heel veel klappen heeft opgevangen. Het lijkt erop dat ook zij gaan inzien dat ze hebben bijgedragen aan het in stand houden van een cultuur en model dat – zoals Giebels aangaf – misstanden wegmoffelde en klagers wegpestte. En het lijkt erop dat CDS Bauer het leiderschap toonde wat nodig is door te stellen dat iedereen veilig moet kunnen melden. Met andere woorden: hij wil ook af van de cultuur die zorgde voor ellende. The proof of the pudding is in the eating, maar het recept zoals het er nu uit lijkt te zien, lijkt veelbelovend. Zeker ook omdat de OPCO-commandanten hun CDS lijken te volgen, in ieder geval in woord. Laten we er van uitgaan dat de daad ook volgt, en dat de daad volgt in de hele lijn, in de hele organisatie. En misschien kunnen we – zonder daarin door te slaan – de bevorderingslogica omdraaien: pas als je een misstand hebt aangepakt en opgelost, en een klager hebt geholpen, mag je bevorderd worden en kun je carrière maken.

Bouwen aan een goede veilige Krijgsmacht

En als u nou zorgt voor meer geld, en aan de gang gaat met een vijf-jaren-strategie zodat er ook voor wat langere termijn duidelijk is wat er met Defensie moet gebeuren. Dan kunnen we gaan bouwen. Ik blijf natuurlijk vinger aan de pols houden, maar ik heb bijvoorbeeld die kritische mail naar de Luchtmacht ingetrokken. Laten we gaan bouwen. Bouwen aan een goed gefinancierde Krijgsmacht, met goede arbeidsvoorwaarden, met eskadrons vol tanks die van onszelf zijn, met meer fregatten, onderzeeboten, bevoorradingsschepen, andere logistieke ondersteuning, minstens 80 F35’s, afdelingen vol artillerie, meer pantserinfanterie, tevreden commando’s, mariniers in Doorn én een bataljon in Vlissingen, meer cybersoldaten, drones, alles een beetje meer en een beetje beter. En dat in een sociaal veilige omgeving graag, waar niet gepest wordt, waar iedereen gewaardeerd wordt.

Want dat moet kunnen. Personeel van Defensie is buitengewoon trots en buitengewoon loyaal. Ik weet zeker dat alle personeelsleden, burgers en militairen, eigenlijk ook klaar zijn met het negatieve, en ook willen bouwen aan de organisatie. Maar dan moeten ze gesteund worden. Gesteund worden door de lijn bij het oplossen van de shit. En gesteund met een goed salaris, een goed pensioen en goede overige arbeidsvoorwaarden. Dus dat het personeel echt op 1 staat. Want ik ben inmiddels een beetje klaar met het gedoe, minister. U ook?

Hartelijke groet,

Eduard van Brakel
Hoofdredacteur Defensie-Platform

 

 

2 gedachten over “Beste minister, ik ben er klaar mee

  • 16 oktober 2018 om 15:28
    Permalink

    De trap van boven schoonvegen is niet voor je weggelegd als je hoogtevrees hebt. Vraag het maar aan een bergbeklimmer; afdalen is altijd het moeilijkst. De voortdurende inkrimping van de krijgsmacht heeft er voor gezorgd dat voor velen promotiekansen zijn afgenomen. Dan wordt het voor de rest een gevecht naar de top en een naar beneden trappen vanuit boven tegen wie omhoog klimt. En hoe kleiner de kooi, hoe groter het gevecht met alle consequenties van dien, waaronder pesten van collega’s die wellicht veel meer in hun mars hebben dan de pesters zelf. Een nieuwe trap bouwen kun je alleen maar als je ALLE sporten van de oude eerst doorzaagt. Oud hout in de organisatie kun je opnieuw gebruiken, maar niet de verrotte delen. Het is duidelijk dat onze Minister op alle fronten hoogtevrees heeft, want de 2 miljard die vrijkomt nu de dividendbelasting wordt gehandhaafd had net zo goed voor een deel in de achterstand (ik zeg dus duidelijk niet “verdere versterking”) van de krijgsmacht kunnen worden gestoken. Als de Minister zich op de vloer al niet kan profileren, hoe moet het dan op grotere hoogte ? En wat de pesters betreft ?; zonder pardon in een functie zetten die bij hun gedrag past. Hoe klein Defensie nu ook is, ik heb wel ideeën. Jullie ook ?

    Beantwoorden
  • 18 oktober 2018 om 22:04
    Permalink

    “En misschien kunnen we – zonder daarin door te slaan – de bevorderingslogica omdraaien:….”

    Waarom niet meteen een stap verder zetten?
    Ik neem aan dat het systeem van beoordelen op functioneren nog steeds van boven naar onder is (logisch, ‘ervaring’ kan ‘potentieel’ beoordelen/inschatten).
    Voeg een nieuw parallel systeem van beoordelen toe dat werkt van onder naar boven en waarbij de centrale vraag is: “Hoe goed word ik in mijn werkzaamheden ondersteunt door mijn baas/bazen?”
    Leer alle rangen en standen deze vraag voor zichzelf te beantwoorden en je hebt een feedback-systeem waarbij iedereen wordt verwacht een melder/klokkenlijder te zijn.
    Indien blijkt dat een leider niet goed voor zijn ondergeschikten kan zorgen dan moeten we die groep ondergeschikten niet groter gaan maken (middels bijv bevordering) maar eerder aan krimp denken.

    Misschien moet men (de leiders) maar even buiten in de regen staan om te voelen hoe het is, nat worden. Voordat men de gebruikelijke paraplu weer openklapt zoals men de laatste decennia steeds heeft gedaan. Leiders hebben geleerd dat hoe groter hun paraplu is, hoe minder nat ze worden en dat het getik van de druppels op het regenscherm er schijnbaar bij hoort.
    De mensen op de werkvloer zien dat het nu echt wel tijd wordt om al die lekkende/spuitende hydranten rond het exercitie-terrein eens te repareren want nu regent het er continu.

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: